Meubels in West-Friesland: meidenkassie

Meubels in West-Friesland, deel 6: het meidenkasssie

Kunsthistoricus Harold D.E. Bos bespreekt een West-Fries meubel

Het dienstbodekastje, ook wel ‘meidenkassie’, is een klein formaat linnenkastje dat door de dienstmeid op de boerderij maar ook elders waar ‘gediend’ werd, werd gebruikt. Dergelijke kastjes bleven veelal op een vaste plek in huis of boerderij staan, weinig dienstbodes namen bij het aangaan van een betrekking zelf een kastje mee. Deze kastjes zijn nog tot de aanvang van de 20e eeuw in West-Friesland in gebruik gebleven door een inwonende meid, dienstbode of de vrouw des huizes.

Het is een eenvoudig kastje, smal en rechthoekig van vorm. Bovenin een la met daaronder twee deuren. Binnenin een aantal planken met onder de middelste plank soms een la. Het sluitwerk is een sleutelgat met sleutel. Het kastje is ca. 150 cm. hoog, 90 cm. breed en 40 cm. diep en staat op vier pootjes, waarvan de voorste bewerkt zijn.
De meest gebruikte houtsoort is geschilderd grenen- of vurenhout dat met een oranje/bruine ‘houtimitatie’ is beschilderd. Blank eiken exemplaren komen ook voor.

 

 

 

fotos: Collectie Stichting Huys Auerhaen, Alkmaar. 

Het blank eiken meidenkastje op de foto dateert uit ca. 1840/50. De twee deurtjes hebben een ‘gotisch’ spitsboogvormig paneel zoals dat tijdens de Biedermeierperiode in de mode was. Dit model komt in deze verschijningsvorm ook in West-Friesland voor. Het afgebeelde exemplaar is afkomstig uit de bakkerij van de familie De Zeeuw te Groet. De eerste eigenaren van deze bakkerij waren Martinus de Zeeuw (1811-1869) en Susanne Esther Groet (1821-1899) die in 1844 te Bergen (N.-H.) trouwden. Het kastje dateert uit het begin van hun huwelijk.

Ga naar de website van het West Fries Genootschap>